Carools Column: Spelletjes spelen

Carool Rijnierse
Foto: Prive

Vroeger kon ik uren achter elkaar het spel ‘Wie is het’ spelen. Pim-Pam-Petten verveelde mij eigenlijk ook nooit. En Yahtzee. Lekker dobbelen. Naarmate ik ouder werd boeide al die bordspellen mij steeds minder. Maar ook andere spelletjes. Waar mijn broer nog dagen achter elkaar met vrienden Backgammon en Monopolie kon spelen, wilde ik er niets van weten.

Waar de omslag precies is gekomen, weet ik niet. Ik heb het vermoeden dat dit rond de pubertijd moet zijn geweest. Het uitgelezen moment om voor jezelf te bepalen wat je eigenlijk ècht leuk vindt om te doen. Maar misschien is mij de pret in het doen van allerlei spelletjes al eerder vergaan. Op de lagere school. En dan niet in één keer, maar stapje voor stapje.

Traktatie

Juffen en meesters deden ook wel eens spelletjes tussen de lessen door. Dan hadden ze bijvoorbeeld een traktatie gekregen , maar wilden deze zelf niet opeten. Er was dan één koekje of cake te verdelen over dertig leerlingen. En ieder kind wilde die traktatie. Logisch. “Ik heb een getal in mijn hoofd en wie het raadt, mag de traktatie ebben.” Nou, je raadt het al; ik had nooit het juiste getal. Achteraf gezien is dit natuurlijk ook gewoon een heel stom spel.

Met partijtjes had ik ook helemaal niks. In mijn tijd ging je nog niet lasergamen of op knutsel-safari. Wij deden nog oud-Hollandse spelletjes. Een beetje mijn tijd verdoen aan koekhappen, spijkerpoepen en ezeltje prik zag ik niet zitten. Ook toen al zat ik dan liever thuis tussen mijn huisdieren en met mijn schrijfblok aan de eettafel.

Toch speel ik nu met mijn jongens regelmatig een kaartspel zoals pesten. Maar eerlijk is eerlijk. Het hele spel boeit mij niet. Ook niet of ik win of verlies. Ik vind het vooral leuk omdat we dan als gezin iets samen doen. Mijn jongens daarentegen zijn dan juist heel fanatiek en als moeder geniet ik van het samenspel tussen die drie mannen. Maar zeg nou zelf. Spelletjes spelen als volwassene is toch ook heel kinderachtig? Zeker wanneer volwassenen raad-spelletjes met je willen doen. Gewoon tussen neus en lippen door. Daar heb ik echt een bloedhekel aan. Dan vraag je bijvoorbeeld hoe oud iemand is of hoe duur die tas was en dan krijg je als antwoord: “Raad maar..” Raad maar? Als ik een spelletje had willen spelen, dan had ik dat wel gezegd.

Buut vrij

In de zomer speelden we vroeger met de hele buurt bussietrap. Ook wel bekend als buskruit. Dan was één iemand de tikker. De bal werd zo ver mogelijk weggeschopt. Als de tikker deze had gepakt, mocht hij iedereen die verstopt zat gaan zoeken en ‘buten’. Als je heel snel was en de bal had aangetikt, riep je heel hard: “Buut vrij!” en dan kon je niet meer getikt worden. Ook dit spel deed mij weinig.  Van mijn broer mocht ik altijd voor spek en bonen meedoen. Ofwel, als ik getikt werd, was ik dus niet af. En dat was natuurlijk heel erg relaxed. Je kan ook wel zeggen dat ik demissionair mocht meedoen. Ik was gewoon nooit af en altijd de winnaar.

Eigenlijk precies zoals ons huidige kabinet dat nu doet. Ze zijn ontslagen en doen dus niet echt mee. Ja, voor spek en bonen. Ze spelen spelletjes met het volk en komen er hoe dan ook altijd mee weg. Er wordt zelfs een soort kat en muisspel van gemaakt op dit moment. Terwijl ze allang afgedaan zijn, presteren ze het nog steeds om de baas te spelen. Het is alsof we als burgers net als heel vroeger met z’n allen in het Colosseum worden gezet. De gevaccineerden zijn de katten en de ongevaccineerden de muizen. Onder het genot van een hapje en een drankje bekijken de demissionaire keizers hoe het volk elkaar afvalt en afslacht. En in plaats van met elkaar te verenigen en te beseffen dat mensen die ontslagen zijn geen rechten meer hebben, trappen we er allemaal in. Stuk voor stuk.

Wanneer je als mens beseft dat dit spelletje allang gespeeld is, kan je alsnog zeggen ‘ABC, ik kap ermee’. Dat recht heb je namelijk. Je bent geen speelbal. De mensen die ontslagen zijn mogen we wegsturen. En tegen hen zeg je dan: “Jullie doen niet meer mee. Jullie zijn af.”

Carool Rijnierse is columniste & auteur en schrijft wekelijks een column 40+ en dan? over het wel en wee van haar leven. Ze heeft drie zoons, drie honden en drie katten.

Reacties