In de spotlight: oprichtster Simone Mark van Centrum Pedagogisch contact

Simone Mark
Foto: Privé

Vanuit haar Centrum Pedagogisch Contact vraagt oprichtster Simone Mark aandacht voor de stem van kinderen en jongeren, ook in deze coronatijd, waarin er volgens haar een eenzijdig perspectief wordt geschetst over de impact van de overheidsmaatregelen. Kinderen zijn minder zichtbaar doordat ze thuis zitten, waardoor ze volgens haar steeds meer op zichzelf zijn teruggeworpen. “We zitten in een complexe situatie waar kinderen vooralsnog weinig gehoord worden.”

De reden dat ze vijf jaar geleden het centrum heeft opgericht, is terug te vinden in haar studietijd. Toen ze pedagogiek ging studeren, werd ze zich steeds meer bewust dat je jezelf altijd meeneemt in het contact met kinderen. “Zij willen weten wie jij bent als mens en dit vraagt om zelfonderzoek. “Zo terugkijkend op mijn leven, heb ik gezien hoe belangrijk het is dat je goede leerkrachten ontmoet in je leven. Zowel op mijn basisschool als tijdens mijn middelbare schoolperiode heb ik geprofiteerd van fantastische leerkrachten die mij zagen en aanmoedigden, waardoor ik bepaalde stappen durfde te zetten en zelfvertrouwen ontwikkelde. Maar ik heb ook leerkrachten gehad die een tegenovergestelde impact hadden en mij kleiner probeerden te maken, waardoor ik onzeker werd. Ik voelde me door hen niet gezien.”

“Contact is een levensbehoefte”

In dat spanningsveld groeien kinderen op, aldus Simone, en dit maakt hen ook kwetsbaar. Ze ging na haar studie lesgeven aan kwetsbare kinderen en ontdekte hoe belangrijk een leerkracht is. “Ik ervaarde toen dat je echt het verschil kan maken voor een kind. In die tijd is mijn drive ontstaan om het centrum te starten, waarbij we ervan uitgaan dat je jezelf als leerkracht moet kennen en dat contact een voorwaarde is om kinderen en jongeren te begeleiden. Of zoals we ook wel zeggen: zonder relatie geen prestatie. Je hebt de ander nodig om jezelf te zien en ontwikkelen. Als een leerkracht een kind ziet, gaat het kind kijken naar wie het zelf is, wat het wil leren en wat het hiervoor nodig heeft. We zijn daar in het onderwijs de afgelopen decennia van weggeraakt. Het onderwijs heeft steeds meer een bedrijfsmatige visie, waarbij resultaatgericht werken voorop staat. Deze tijd laat zien dat we niet zonder contact kunnen, op werk niet, maar ook op scholen en universiteiten niet. Contact is een levensbehoefte.”

Samen met haar levenspartner Marcel van Herpen leidt ze het centrum, dat werkt met freelance professionals die vanuit dezelfde drive en overtuiging werken: niemand mag worden buitengesloten. Ze geven lezingen, masterclasses en persoonlijke ontwikkelingstrajecten. “We begeleiden leerkrachten en schoolleiders om die leraar te zijn die ze willen zijn. Wat houdt hen tegen om zichzelf te zijn en wat kunnen ze doen om hun autonomie te vergroten? Hierbij gaan we altijd terug naar die basis van contact. Ik denk dat mensen in de kern daarvoor zijn uitgerust, om contact te maken. Soms gaat de deksel erop, doordat we met afwijzingen te maken krijgen in het leven. Veel volwassenen hebben een muur opgetrokken, omdat ze zichzelf willen beschermen tegen pijn. Die zetten een masker op, maar dat masker neem je ook mee de klas in. Durf je te zijn wie je bent?”

Sociaal emotionele impact van de lockdown

Over wat de impact is van de voortdurende lockdown op kinderen, jongeren en studenten is de afgelopen tijd steeds meer te lezen. “Hoe langer dit gaat duren, en het duurt al langer dan ik dacht, hoe groter de impact zal zijn. Ik zie het bij mij thuis ook. Wij hebben drie zonen. Toen mijn jongste zoon vorige jaar startte in de brugklas, viel hij met zijn neus in de boter. Hij heeft weinig binding met school en heeft amper activiteiten gehad, die zo’n brugklas normaal gesproken met zich meebrengt. Hij heeft zijn mentor haast niet gezien, totdat ik haar erop attendeerde om een keer mijn zoon te bellen. Dan is er in ieder geval even contact. Ik zie dat hij de neiging heeft om weg te drijven van school. Dat vind ik wel een zorg en ik moet er echt bij blijven. Dit is de tijd dat je nieuwe vrienden maakt, projecten doet en je verbindt met school. Het is momenteel een heel schraal leven voor hem. Hij trekt zich steeds meer terug en wil veel gamen. Als ik niets zou doen, zou het een beetje lethargisch worden. Hij volgt het liefst de les vanuit zijn bed en op een gegeven moment stond hij niet meer op. Als ik niks zou zeggen, zou hij zich niet aankleden. Nu kunnen mijn partner en ik thuiswerken en kan ik dus af en toe zijn slaapkamer inlopen. Ik zorg voor structuur. Maar zo zag ik onlangs de documentaire Klassen. Dan zie je hoe kinderen in Amsterdam Noord in een flat met zeven mensen echt knel komen te zitten. Ik maak me momenteel niet zo zorgen over leerachterstanden, maar wel over de sociaal emotionele impact van de lockdown. Zo’n brugklas doe je niet meer opnieuw, of straks je eindexamen.”

Op de vraag wie Simone haar favoriete leerkrachten waren, antwoordt ze met veel liefde “mijn eerste juf van de basisschool, omdat zij mij het gevoel gaf dat ze speciaal voor mij naar school kwam.” Ook haar docent Nederlands op de middelbare school, omdat hij heel goed was in zijn vak en hij haar gestimuleerd heeft om te gaan schrijven. “Hij zag mijn talenten en daar ga je als kind in geloven.” Dat heeft gewerkt, want ze schreef jaren later het boek Pedagogisch contact. Het was haar droom om oorlogsjournalist te worden, maar ze was te jong voor de school van journalistiek. “Ik was gefascineerd door kleine verhalen en heb altijd mensen een stem en gezicht willen geven. Dat is in de kern wat ik nu ook doe: ik geef kinderen en leerkrachten een stem en leer ze om hun eigen stem te gebruiken.”

Een goede leerkracht

Wat maakt iemand tot een goede leerkracht? “Iemand die met zijn volledige aandacht in het hier en nu is, iemand die alle tijd voor je neemt en iemand die weet waarover hij het heeft. Kortom, iemand die zin heeft om les te geven en die er helemaal is.” En ja, dat is niet altijd even eenvoudig: écht er zijn. Dit is volgens Simone de kern van het bestaan. We zijn volgens haar in het onderwijs teveel in de ban geraakt van cito toetsen, resultaten en cijfers. Daarom mogen we deze coronatijd ook koesteren, waarin niets meer vanzelfsprekend is en er minder prikkels zijn. “We zijn in een vertraging terecht gekomen. Deze tijd zou kunnen helpen om meer in die presentie te blijven, maar daar zit vaak ook weerstand op. Dat vind ik bijzonder aan kinderen: hun aanpassingsvermogen is groot. Zij voegen zich makkelijker dan de volwassenen. Ja, ze missen dingen, maar ze zijn wel met wat er is.”

Reacties